Levertransplantatie

Damagecontrol donorlever begint nu al in het lichaam van de overleden donor

Bij orgaandonatie telt elke seconde, want zuurstofgebrek is funest voor donororganen. Met een nieuwe methode kunnen donorlevers al in het lichaam van de overleden patiënt worden voorbereid op de transplantatie. ‘Je bespaart ongeveer 3,5 uur en daarmee schade door zuurstofgebrek.’

Joyce de Bruijn
Leestijd 4 min
DEF foto Sopjhie en Jeroen bij NRP perfusie 169

Dé methode om meer levers geschikt te maken voor transplantatie is machineperfusie. Daarbij wordt de donorlever aangesloten op een machine die er zuurstofrijke vloeistoffen doorheen pompt. De techniek heeft zich razendsnel ontwikkeld van experimentele behandeling naar standaard zorg die wordt vergoed door de zorgverzekeraars.

Ongeveer een jaar geleden werd in Nederland een nieuwe methode uitgerold: Normotherme Regionale Perfusie (NRP), machineperfusie met warm bloed ín het lichaam van de overleden donor. Voor levertransplantatie is deze ontwikkeling heel belangrijk, vertellen orgaanperfusionist (nieuw beroep!) Sophie Ciere en transplantatiechirurg Jeroen de Jonge.

De tekst gaat verder onder het kader

Perfusie

Als een donor overlijdt doordat de bloedcirculatie stopt, krijgen de organen vanaf dat moment geen bloed meer. Het is dan zaak dat de organen zo snel mogelijk weer zuurstof krijgen. Orgaanperfusie zorgt dat de schade door dat zuurstofgebrek wordt beperkt en hersteld. Met orgaanperfusie kan ook het functioneren van het orgaan worden gemeten, door te kijken naar stofjes in de vloeistof die door het orgaan wordt gepompt.

Bij NRP krijgen de organen in de nog warme buikholte van de overleden patiënt een kunstmatig opgewekte bloedsomloop, op gang gehouden door een soort hart-longmachine. De lever heeft veel baat bij deze techniek, want met name de galwegen zijn erg gevoelig voor schade door zuurstofgebrek.

Hersenbloeding

Transplantatiechirurg Jeroen de Jonge: ‘Deze perfusietechniek wordt toegepast bij orgaandonoren bij wie de beademingsapparatuur wordt stopgezet omdat de patiënt echt niet meer beter kan worden. Dat zijn bijvoorbeeld mensen die een ernstige hersenbloeding hebben gehad. Medisch handelen is op dat moment zinloos geworden, en is dan ook niet meer toegestaan. Zodra het hart stopt met kloppen, ontstaat schade aan de organen door zuurstofgebrek. Elke seconde telt dan.’

Busje

Zodra orgaanperfusionist Sophie Ciere en haar collega’s van de donatiecoördinator te horen krijgen dat in een ziekenhuis ergens in Nederland een orgaandonor binnen afzienbare tijd gaat overlijden, rukken ze uit. Zij reist dan met een geavanceerd busje naar het ziekenhuis waar de orgaandonor op de Intensive Care ligt. Het chirurgisch team dat de organen na de perfusie zal uitnemen, reist mee in een ander busje. Ciere: ‘In de bus gaan alle spullen mee die ik nodig heb, zoals de perfusiemachine, medicatie, disposables en allerlei hechtbenodigdheden.’

Zodra het overlijden officieel is vastgesteld, wordt het lichaam van de donor van de IC naar de operatiekamer verplaatst, waar Ciere en haar collega-perfusionist de apparatuur al hebben klaargezet. Samen met het chirurgisch team brengen ze de kunstmatige bloedcirculatie in de buikholte op gang.

‘Alleen organen in de buikholte worden van een bloedsomloop voorzien.’

‘We sluiten holle buisjes, canules, aan op de buikaorta en de onderste holle ader. De bloedvaten naar de rest van het lichaam worden afgeklemd, dus alleen de buikholte wordt van een bloedsomloop voorzien. Niet alleen de lever wordt geperfundeerd, maar ook de alvleesklier, de nieren en de darmen’, zegt ze.

Gedurende ongeveer twee uur houdt het perfusieapparaat de bloedsomloop op gang. Gedurende die tijd voert Ciere allerlei testjes uit op het bloed dat vanuit het lichaam terugstroomt naar de perfusiemachine. Daaraan kan ze zien hoe het met de lever gaat en of die geschikt is voor transplantatie.

Schade hersteld

Jeroen de Jonge vult aan: ‘De schade die is ontstaan nadat het hart was gestopt met kloppen, wordt met deze perfusie hersteld. Als na twee uur perfusie blijkt dat de lever geschikt is voor transplantatie, nemen wij hem uit en gaat hij gekoeld op transport naar het transplantatiecentrum waar de ontvanger ligt.’

Ciere: ‘We winnen met deze methode tijd, door direct na het stoppen van de bloedsomloop in te grijpen, in plaats van pas na uitname en transport van het orgaan. Dat gebeurt bij de conventionele methode van machineperfusie. Dan wordt de lever in het ziekenhuis van de donor uitgenomen, op transport gezet en vervolgens in het transplantatiecentrum van de ontvangende patiënt op de perfusiepomp gezet. Dat is zo’n 3,5 uur waarin het orgaan aanvullende schade kan oplopen door zuurstofgebrek.’

Een eerste studie naar de NRP-methode, uitgevoerd in nauwe samenwerking met LUMC, toonde aan dat deze donorlevers het goed doen in het lichaam van de ontvanger. Ciere: ‘Sterker: twee van de drie levers die vroeger niet geschikt waren bevonden, kunnen met deze nieuwe perfusiemethode toch worden getransplanteerd.’

De Jonge: ‘96 procent van de ontvangers die een lever hebben gekregen die met Normotherme Regionale Perfusie is behandeld, is na een jaar nog in leven. Dat zijn echt heel mooie cijfers.’

Wat is beter?

De resultaten zijn zó goed dat het Zorginstituut Nederland de methode inmiddels heeft erkend als standaard vergoede zorg. De vraag die nu moet worden beantwoord is: welke methode is het beste, Normotherme Regionale Perfusie in de overleden donor of machineperfusie in het ziekenhuis van de ontvanger?

Erasmus MC Transplantatie Instituut, LUMC Leiden en UMC Groningen hebben de NRP-techniek samen verfijnd voor de Nederlandse transplantatiezorg. Ze gaan nu ook samen onderzoeken welke methode het beste is, zowel qua medische uitkomst als qua kosteneffectiviteit.

Ze hebben daarvoor een subsidie gekregen van ZonMW. De Jonge: ‘Dit is een unieke studie die hier alleen kan worden uitgevoerd omdat het Zorg Instituut Nederland destijds heeft besloten dat beide technieken worden vergoed. Dat is nergens anders ter wereld het geval. We hopen natuurlijk dat een van de methoden er straks met kop en schouders bovenuit zal steken.’

Complexe zorg 

Als universitair medisch centrum richt het Erasmus MC zich op patiënten die complexe zorg nodig hebben en op patiënten met een zeldzame aandoening. Voor die patiënten beschikken wij over de specifieke expertise en voorzieningen. Zoals beschreven in Koers28, de strategie van het Erasmus MC.    

Lees ook

Nieuwsbrief

Blijf op de hoogte van nieuws en verhalen uit het Erasmus MC en schrijf u in voor onze nieuwsbrief.