Erasmus MC

Vies bruin en vochtige regio’s

‘Het effect van preventie is pas na een jaar of dertig zichtbaar. Dat maakt het ook zo moeilijk het gevolg van verstandig gedrag te meten.’

Deel
0 likes
Leestijd 7 min
mensen smeren zich in met zonnebrand tegen huidkanker

Meer bewustzijn risico’s huidkanker

“Mijn eigen dochters vergelijken hun huidskleur ook met die van vriendinnetjes”, verzucht prof. dr. Tamar Nijsten. “Hoe bruiner, hoe leuker de vakantie.” Wat hem betreft mag ‘superbruin’ gelijkgesteld worden aan ‘vies’. “Helaas associëren we een bruine huid nog steeds met vitaliteit en sexy. Dat gezondheidsideaal zou onderhand wel mogen kenteren.” De hoogleraar Dermatologie van het Erasmus MC bespeurt wel een langzame verandering. “Ik was een tijdje geleden bij een lezing van een socioloog. Zij toonde tijdschriftcovers van de jaren zeventig tot nu. Je zag een duidelijke afname in intensiteit van de gebruinde huid bij de blanke fotomodellen. Kleine kinderen vinden roken vies. Het stinkt en je gaat er dood aan, zeggen ze tegen hun ouders. Je zou willen dat er ook een aversie ontstaat tegen dat superbruine, zodat mensen niet de hele dag gaan liggen ‘bakken en braden’. Ja, voor huidkanker is veel aandacht in de media. Overdreven? Ik denk van niet. Ik zie in ieder geval de positieve gevolgen. Het bewustzijn van huidkanker is sterk verbeterd bij artsen en patiënten. Mensen melden zich eerder bij de dokter en die herkent de huidkanker eerder. Door de verhoogde bewustwording neemt het aantal herkende gevallen van huidkanker weliswaar toe, maar de ziekte wordt ook eerder ontdekt en is daardoor beter te behandelen. We zien in Nederland nog geen daling in het aantal sterfgevallen, maar het stijgt veel trager dan het aantal nieuwe huidkankerpatiënten. Bovendien leidt alle aandacht tot betere preventie. En die is heel eenvoudig: niet te lang en niet op het heetst van de dag in de zon, en op tijd insmeren met zonnebrandcrème. Zuiver een kwestie van gedrag. Natuurlijk zit daar een hele industrie bovenop, maar artsen zullen terecht altijd zeggen dat je net zo goed een goedkope crème van de drogisterij kunt gebruiken als een dure crème van de apotheek. Het zijn de SPF (sun protection factor) en de frequentie van smeren die tellen.”

 

Frequentie

“De blootstelling aan zonlicht is moeilijk in een getal uit te drukken. Als ik jou vraag: ‘Hoeveel zon heb je gehad?’, dan zijn er allerlei factoren van belang: in welke periode van je leven, in welke seizoenen, op welk tijdstip van de dag? Het is heel anders dan bij roken, waar je het aantal gerookte sigaretten kunt optellen. De oude slogan van het KWF, ‘verstandig zonnen’, is nog steeds heel goed. Het effect van preventie is pas na een jaar of dertig zichtbaar. Dat maakt het ook zo moeilijk om het gevolg van verstandig gedrag te meten. Als je een keer verbrandt, leidt dat niet meteen tot een verdubbeling van het risico op huidkanker. We zitten allemaal in de zon en we verbranden allemaal wel een keer. Het gaat om de frequentie: als er regelmatig zonverbranding optreedt, stapelt de DNA-schade zich op en verhoogt de kans aanzienlijk dat na verloop van tijd kanker ontstaat.”

 

Mooie dwarsdoorsnede

“Op het gebied van behandeling van huidkanker is het Erasmus MC een van de leidende centra in Nederland. De laatste tien jaar richten we ons naast de zorg steeds meer op onderzoek, in het begin vooral met de afdeling Maatschappelijke GezondheidsZorg van het Erasmus MC en de Integrale Kankerregistratie van het IKNL (Integraal Kankercentrum Nederland). Het accent van die studies lag vooral op de epidemiologische aspecten: hoe vaak komt huidkanker in Nederland voor? Neemt het aantal patiënten toe? Dat soort vragen. Die samenwerking was heel vruchtbaar. We hebben bijvoorbeeld onderzoek gedaan naar de kwaliteit van leven van mensen met huidkanker en naar het beste behandeltraject. We hebben dankzij die studies een goed beeld gekregen van de grootte van het gezondheidsprobleem (zie Kader). Voor de epidemiologische studies maakten we onder andere gebruik van de database van de Integrale Kankerregistratie. Het voordeel: je krijgt zo een mooie dwarsdoorsnede van de hele bevolking. Binnen een academisch centrum als het Erasmus MC hebben we toch vaker te maken met de ernstigere gevallen van huidkanker en zijn de mildere gevallen minder in beeld. Het nadeel van de database van de Integrale Kankerregistratie is de beperkte hoeveelheid persoonsgegevens die beschikbaar is. Je weet hoe oud iemand is en je kent het geslacht, maar daar blijft zo ongeveer wel bij. Over het verloop van de ziekte is bijvoorbeeld vrijwel niets bekend.”

 

Verdachte plekjes

“Vijf jaar geleden zijn we bij het ERGO-onderzoek aangesloten. De deelnemers aan de ERGO-studie zijn 45 jaar en ouder, en dat is ook juist de leeftijdscategorie waar huidkanker het vaakst wordt waargenomen. Door de ERGO-deelnemers te koppelen aan de IKNL-gegevens, hebben we kunnen laten zien dat één op de tien deelnemers huidkanker heeft. Het is weliswaar een kleinere populatie dan de gehele Nederlandse bevolking, maar van de ERGO-deelnemers is een schat aan informatie beschikbaar: onderzoek naar het DNA of naar de relaties met andere ziekten of risicofactoren, het is allemaal mogelijk. Van alle ERGO-deelnemers beoordelen we de huidskleur, niet alleen met het blote oog, ook met een apparaat, een spectrometer. Met een optische, niet-invasieve (er hoeft geen sneetje in het lichaam gemaakt te worden, red.) techniek kunnen we de huidstructuur in beeld brengen en verkrijgen we informatie over de onderliggende bloedvaten. Die informatie is op termijn te koppelen aan gegevens over bepaalde ziekten, zoals diabetes of hart- en vaatziekten.

Dermatoloog Tamar Nijsten bestrijdt huidkanker

Prof. dr. Tamar Nijsten

De helft van alle zorg van de afdeling Dermatologie wordt besteed aan huidkanker of huidplekjes

  • Huidkanker is de meest voorkomende vorm van kanker: ongeveer evenveel als alle andere vormen van kanker bij elkaar opgeteld.
  • In Nederland krijgt één op de vijf mensen huidkanker. Per jaar hebben circa 70.000 patiënten een vorm van huidkanker.
  • Huidkanker bij kinderen komt nauwelijks voor, maar bij dertigers en veertigers wordt het steeds vaker gezien. Het is vooral een ziekte die mensen met een blanke huid treft, bij donkere huidtypen komt huidkanker minder voor.

 

 

Database

We meten de kleur op een zon-blootgesteld en niet-zon-blootgesteld stukje huid. We maken 3D-foto’s van het gezicht, we stellen vragen over zongedrag en zonnebankgebruik. We hebben artsen opgeleid die in staat zijn om verdachte plekjes, zogenaamde actinische keratose, op de huid te herkennen. Die waarnemingen komen ook allemaal in de database. Dat is uniek: geen enkele kankerregistratie of groot onderzoekscohort ter wereld bevat informatie over die voorloper-stadia van huidkanker. We zien die verdachte plekjes bij ongeveer een kwart van de ERGO-deelnemers. En bij meer dan een vijfde van de mensen met dergelijke plekjes is al eerder huidkanker gevonden, vooral bij degenen die tien of meer voorlopers hadden. De verdachte plekjes zijn dus een sterke aanwijzing voor het verhoogd risico op huidkanker. Het liefst willen we dit kunnen bevestigen door mensen jarenlang te volgen.”

 

Biopten

“De ERGO-studie maakt het mogelijk om te kijken naar de genetische factoren die iemand meer of minder gevoelig maakt voor huidkanker. Natuurlijk, mensen met een zeer blanke huid, blauwe ogen, rood haar, daarvan weten we dat zij snel verbranden en meer risico op huidkanker lopen. Maar misschien zijn er wel andere genen die een rol spelen. We gaan nu nog uit van DNA dat is verkregen uit bloed, maar we zijn ook bezig om biopten te verzamelen bij ziekenhuispatiënten. In die kleine stukjes van de kanker en van de normale huid proberen we aanwijzingen voor het ontstaan van de kanker in het weefsel zelf te ontdekken. We zijn dus steeds meer aan het inzoomen: van kankerregistratie, naar bevolkingsonderzoek, naar de patiënt in het ziekenhuis. Bij elke stap hoop je te leren, van macro- naar microniveau.”

 

Vochtige en droge regio’s

“Een andere tak van onderzoek waar ik veel van verwacht, is onze studie van het microbioom: de complete verzameling aan bacteriestammen die het menselijke lichaam bevolken. We denken dat de samenstelling van de bacteriestammen iets zegt over de gezondheid van een persoon. We weten dat er bij bepaalde vormen van eczeem veranderingen in de samenstelling van de bacteriepopulaties optreden. De huid vormt een fysieke en levende barrière – onder andere dankzij afweercellen – naar de bloedbaan. De bescherming is bij eczeem verzwakt en dat veroorzaakt een andere bevolking van bacteriën. Zo zijn er meer huidziekten die het gevolg zijn van veranderingen van het microbioom op de huid of die ermee samengaan. Binnen ERGO vindt op dit moment al onderzoek naar de bacteriën in de ontlasting plaats. We overwegen om in 2016 binnen de ERGO-studie ook het microbioom van de huid te bestuderen. De huid is een toegankelijk weefsel. Dat is een groot voordeel voor het verzamelen van het onderzoeksmateriaal. Er hoeft geen bloed geprikt te worden, mensen hoeven geen urine of ontlasting te verzamelen. Je strijkt gewoon met een wattenstaafje over de huid en je hebt een prachtige verzameling bacteriën. Een nadeel: op elk plekje van het lichaam is de samenstelling van de bacterie-populaties anders. De ‘vochtige’ regio’s – de oksels en de liezen – wijken bijvoorbeeld sterk af van de droge regio’s, zoals de rug of de onderbenen, die weer verschillen van de talgrijke regio’s in het gezicht.”

 

Blik verruimen

“Binnen ERGO doen we geen experimenteel onderzoek waarbij we mensen blootstellen aan nieuwe technieken of behandelingen. We verrichten metingen die hun waarde al hebben bewezen. Maar door de interactie met de wetenschappers van het Erasmus MC zijn we wel in staat om voorop te lopen in de aard van die metingen. De onderzoeken aan het microbioom en de metingen van de huid met optische technieken, waaronder de Raman spectrometrie, zijn daar mooie voorbeelden van. Dat dwingt mij als clinicus om bij te blijven in de nieuwste wetenschappelijke ontwikkelingen. Het ERGO-team werkt nauw samen met tal van medische en niet-medische specialisten en onderzoekers, waarmee je anders niet zo snel in contact zou komen en zou praten over wetenschap. Al die disciplines met hun eigen expertise bij elkaar verruimen je blik, je leert van elkaar, je bouwt een netwerk op. Dat is gunstig voor ERGO, maar ook voor samenwerking binnen en buiten het Erasmus MC. Wat we wel of niet meten, wordt zorgvuldig overwogen. Bovenaan het lijstje van criteria staat dat we de deelnemers aan ERGO zo weinig mogelijk belasten.”

 

Lees hier meer over huidkanker.

Lees ook