Coverstory

Een allergie, wat is dat eigenlijk?

Moet je niezen zodra je in een huis met honden komt? Of heb je last van rondvliegende pollen? Dan heb je waarschijnlijk een allergie.

8 likes
Leestijd 5 min

Hero alt/video title

allergie

En je bent zeker niet de enige. Maar hoe zit het nou met die allergieën? Zijn we steeds vaker allergisch? Waarvoor dan precies? We vroegen het aan allergoloog prof. dr. Roy Gerth van Wijk.

 

Wat is een allergie?

“Een allergie is een overgevoeligheidsreactie van het afweersysteem op onschuldige stoffen, zoals pollen of voedingsmiddelen. Het gaat om stoffen waarop je eigenlijk niet zou moeten reageren. Als je er aanleg voor hebt en je komt veel in aanraking met een bepaalde stof, dan kun je daarvoor een allergie ontwikkelen.”

 

Waarvoor kun je allemaal allergisch zijn?

“Mensen zijn vooral allergisch voor eiwitten, dierlijke of plantaardige. Daar zijn er heel veel van, ze zitten in van alles. Maar ook voor medicijnen kun je allergisch zijn.”

 

Wat zijn de meest voorkomende allergieën?

“Dat zijn allergieën voor graspollen, huisstofmijt, boompollen en katten. Mensen krijgen daardoor klachten aan de luchtwegen, neus, ogen en soms longen.”

 

Wat is de opmerkelijkste allergie die u bent tegengekomen?

“Als allergoloog ben je een soort detective en kom je veel opmerkelijke allergieën tegen. Wij hadden een keer een patiënt met een grote volière en daarin wel 20 soorten vogels. We dachten natuurlijk meteen dat het een allergie voor vogels zou zijn. Dat was niet zo. Misschien voor de bladeren die in de volière lagen? Ook niet. We ontdekten dat de man wel reageerde op bladeren waar vogelpoep op zat. En dan op één onderdeel daarin. Uiteindelijk bleek hij allergisch te zijn voor één ingrediënt van vogelvoer. Als dat niet meer in het vogelvoer zat, had hij geen klachten. Het was dus echt een zoekplaatje.
Een andere keer bleek een insectenkweker op een sprinkhanenfarm allergisch te zijn voor meelwormen. Hij kreeg luchtwegklachten. Bij hem was dus sprake van een beroepsallergie.”

 

Illustraties: Grand Foulard

 

Hoe weet je of je een allergie hebt?

“Of je een allergie hebt moet blijken uit je verhaal. Dit moet consistent zijn. Steeds als je bent blootgesteld aan een stof waarvoor je allergisch bent, krijg je binnen enkele minuten tot een half uur hetzelfde soort klachten, zoals hoesten en kortademigheid. Iemand die allergisch is voor pinda’s krijgt huiduitslag na het eten van pinda’s. Wie allergisch is voor graspollen heeft altijd in juni een piek in de klachten.
Soms kan er verwarring zijn of iets een allergische reactie is. Bijvoorbeeld als iemand steeds last heeft van galbulten, maar er is niet één duidelijke oorzaak aan te wijzen. We zoeken naar de rode draad in het verhaal en naar reproduceerbare klachten. Bij chronische galbulten vinden we die bijna nooit, maar de patiënt blijft soms denken dat er toch sprake is van een allergie.”

 

Wat kun je eraan doen?

“Vermijden, dat is de beste methode. Heb je een voedselallergie, dan moet je het betreffende voedingsmiddel niet eten. Ben je allergisch voor honden, neem dan geen hond. Bij een allergie voor de huisstofmijt is het verstandig je huis aan te passen zodat het voor de mijt minder aantrekkelijk wordt. Het diertje houdt van een vochtige omgeving die niet te koud en niet te warm is. Een droge, goed geventileerde woning is dan het beste. Met gladde vloeren, die je goed kunt stofzuigen en dweilen.
Het lukt niet altijd om contact te vermijden. Voor pollen kun je niet weglopen. In dat geval moet je de klachten onderdrukken met medicijnen. Soms is immunotherapie een oplossing.”

 

 

Kun je allergisch zijn voor dieren, bijvoorbeeld katten, maar niet voor je eigen dier/ kat?

“Nee, dat is niet mogelijk. Wie allergisch is voor katten, is dat voor alle katten. Wel is het zo dat een dier dat veel verhaart meer klachten geeft. Maar de allergeenarme kat of hond bestaat niet, al wordt dit wel eens beweerd. Onderzoeken tonen dat ook aan.
Mensen die een huisdier hebben, denken soms dat ze niet allergisch zijn voor hun eigen dier. Ze hebben dan geen acute klachten meer, maar vooral chronische klachten. Dat valt minder op.”

 

Kan een allergie ook weer vanzelf overgaan?

“Ja, dat kan. Vooral op latere leeftijd. Allergieën voor pollen, huisstofmijt en dieren ontstaan vooral in de eerste 20 jaar, vaak al op de kinderleeftijd. Bij het ouder worden doven de allergieën meestal uit, al kan dat tientallen jaren duren. Hoe lang het precies duurt, verschilt van mens tot mens.
Voedselallergieën ontstaan eveneens bij jonge kinderen. Denk aan melk en ei. Daar groeien ze vaak overheen. Een pinda-allergie is bijna altijd persisterend (blijvend) en gaat dus niet over.”

 

Neemt het aantal allergieën toe bij kinderen die te ‘schoon’ opgroeien?

“Tja, wat is schoon? We noemen dat de hygiënehypothese. Maar het klopt niet dat kinderen allergieën krijgen omdat we tegenwoordig hygiënisch zijn op het lichaam. En dus niet in vuile kleren rondlopen of met de handen in de modder zitten.
Het zit anders. Wie op jonge leeftijd (tot één jaar) wordt blootgesteld aan infecties en aan dieren, heeft minder kans een allergie te ontwikkelen. Bij dieren kan het ook gaan om vee. Uit onderzoek in Duitsland is al langer bekend dat kinderen die op een boerderij opgroeien minder kans hebben op een allergie. Ook is gebleken dat in grote gezinnen de oudste kinderen meer kans hebben op een allergie dan de jongste kinderen. Die kleintjes zijn namelijk met meer infecties in contact gekomen, op jonge leeftijd, dan hun oudste broers en zussen op dezelfde leeftijd.”

 

Worden steeds meer mensen allergisch?

“Het aantal allergieën is wél toegenomen in de afgelopen decennia. In westerse landen, zoals Nederland, zien we nu langzamerhand een afzwakking. Iedereen die allergisch kon worden, is het nu wel.
In andere gebieden, in Afrika of Azië bijvoorbeeld, komen kinderen nog vaak in contact met infecties. Vooral met parasitaire infecties. Daar neemt nu de welvaart toe, worden infecties beter bestreden en stijgt het aantal allergieën dus ook. Het is dezelfde ontwikkeling als hier, maar dan later.
Bij ons is pollenallergie nu een volksziekte. In de 19e eeuw was het juist iets voor chique mensen. Dat kreeg je als je in goede omstandigheden opgroeide.”