Coverstory

De visie van Nina Grootendorst

In het Erasmus MC zijn honderden researchers elke dag bezig met onderzoek dat uiteindelijk moet leiden tot betere behandelingen. Wie zijn die onderzoekers? Wat beweegt hen?

32 likes
Leestijd 7 min

Hero alt/video title

De Visie Nina Grootendorst

Konijnenverzorgster wilde ze worden. Later dacht ze aan gynaecologie. Of pathologie. Het moest iets zijn met een link naar onderzoek. Nina Grootendorst (32) koos uiteindelijk voor psychiatrie. “Er wordt vaak gedacht dat psychiatrie een zwaar vak is, maar het is echt niet hele dagen kommer en kwel. Een van de leukste stages had ik op de depressie-afdeling. Het is mooi om te zien hoe mensen uit een depressie komen. Natuurlijk is het soms zwaar. Maar álle dokters zien vreselijke dingen, dat is bij psychiatrie niet anders. Mensen maken verschrikkelijke dingen mee en ik vind het heel mooi dat ik mijn patiënten goed kan helpen, ze kan begeleiden.”

Grootendorst ging de psychiatrie in met het idee dat dit vak weinig te maken heeft met ‘standaard dokter-skills’, de lichamelijke problemen. Stralend: “Maar ik voel me meer dokter dan ik ooit voor mogelijk had gehouden. Ik ben hier echt op mijn plek. De uitdaging van het vak? Je inzetten voor mensen die niet goed genoeg voor zichzelf op kunnen komen.”

 

Beeldvorming

“Beeldvorming in de media is heel belangrijk. Als je het hebt over psychiatrie, denken mensen aan de film ‘One flew over the cuckoo’s nest’ of aan verwarde mensen op straat. Dat mensen gevaarlijk en vervelend zijn. Maar ik heb me nooit onveilig gevoeld in de psychiatrie. Slechts een klein deel van de psychiatrische patiënten laat gevaarlijk gedrag zien. Vaak zijn mensen met een psychische kwetsbaarheid zelf slachtoffer van geweld. Vanuit hun angsten kunnen zij zich soms agressief uiten. Het is daarom essentieel om gekwalificeerd personeel te hebben dat de patiënten goed kent en de-escalerend kan optreden. Continuïteit is in deze sector heel belangrijk, zo ben je beter op elkaar ingespeeld. “

 

Nina in niemandsland

iBerry Study

Sinds 2016 is Grootendorst projectleider bij The iBerry Study. Voor dit onderzoek worden duizend jongeren van ongeveer twaalf tot vierentwintig jaar uit het Rijnmondgebied gedurende tien jaar gevolgd. Naast testjes en metingen krijgen deelnemers regelmatig een vragenlijst toegestuurd. Moeilijke onderwerpen, zoals geldproblemen of suïcidaal gedrag, gaan ze daarbij niet uit de weg. “Jongeren vinden het heel normaal om daarover ondervraagd te worden. Het is een groep die we binnen de zorg niet goed in beeld hebben. Zoeken ze geen hulp omdat ze geen problemen hebben? Of hebben ze wel problemen, soms zelfs heel complex, maar weten ze niet waar te beginnen? Hebben ze wellicht geen mensen in hun omgeving die alert zijn als er iets aan de hand is? We weten dat een deel van de jongeren psychiatrische stoornissen ontwikkelt, maar wie zijn dat?”

 

Fotografie: Phil Nijhuis

 

 

Op eigen benen

Deze stoornissen ontstaan vaak op jongvolwassen leeftijd, wanneer je de basis legt voor je verdere leven. Je moet je opleiding afronden, gaan werken, je sociale netwerk opbouwen en juist op dat moment nemen psychische klachten een enorme vlucht. De steun uit je omgeving neemt af, je moet op eigen benen gaan staan. En dat komt allemaal samen in een paar jaren die cruciaal zijn voor de rest van je leven. Als je dan de aansluiting mist, kun je in de knel komen. Over deze periode weten we nog veel te weinig, het is echt een soort niemandsland tussen de kinder- en jeugdpsychiatrie en de volwassenpsychiatrie. Wel weten we wat de risicofactoren zijn: vaak een combinatie van erfelijke aanleg, verkeerde vrienden, trauma, gebruik van verdovende middelen, maar ook bijvoorbeeld opgroeien in een niet-groene omgeving, tussen het beton.”

 

Vooroordelen

Zelf groeide ze op in een doodgewoon rijtjeshuis in Vlaardingen. Een opgewekt meisje dat graag naar buiten ging, van knutselen hield en viool speelde. Haar ouders werken beiden in het onderwijs. “Ik wist al vroeg dat ik dat niet wilde. Wel heb ik tijdens mijn opleiding de basiskwalificatie onderwijs gehaald. ik vind het erg leuk om onderwijs te geven aan co-assistenten, maar verbaas me erover hoeveel vooroordelen er over psychiatrie bestaan, zelfs onder medisch studenten.”

 

De mens heeft veel veerkracht

 

Veerkracht

Aarzelend: “Mijn ouders zijn gescheiden toen ik 15 was. Dat kleurt natuurlijk je herinneringen, maar het was voor mij niet dramatisch. Mijn vangnet was op orde: ik kwam niet in aanraking met verkeerde mensen. Ik had een duidelijk doel voor ogen voor mijn studie, had mijn sociale netwerk en clubjes; alles ging gewoon door.”
“Bij patiënten die ik zie is dat soms heel anders. Vaak zie je ellende clusteren. Het zijn vaak dezelfde kinderen die trauma’s meemaken, in armoede opgroeien, dat de een na de ander wegvalt, ze niemand hebben om op terug te vallen, op school niet mee kunnen komen, in aanraking komen met verkeerde mensen, met drugs. Toch gaat het met de meeste kinderen gewoon goed. De mens heeft veel veerkracht.”

 

Niet alles alleen

“Ik heb hele fijne collega’s met wie ik over het werk kan praten, daardoor neem ik het niet mee naar huis. Naast mijn promotieonderzoek heb ik binnen de acute psychiatrie gewerkt en moest een keer om vier uur ‘s nachts een achterwacht wakker bellen om te overleggen over een patiënt. Ik zie dan voor me: die ligt thuis in bed, gezin in huis. Ik verwachtte wat knorrig gegrom, maar nee, hij vroeg ‘hee Nina, hoe is het, ga je nog solliciteren voor de opleiding?’ Die betrokkenheid en aandacht voor elkaar doet je echt goed. Onderzoek kan heel solistisch zijn, maar ik zoek wel actief naar contact en samenwerking. Ik zou doodongelukkig worden als ik alles alleen moest doen. Ik heb het echt nodig om te sparren of te relativeren. Hulp en advies vragen.”

 

Ik kan niet drie kwartier op een matje liggen

 

Geen yoga

“Wat ik doe om te ontspannen? Geen yoga of zo, dat vind ik vreselijk! Ik heb het wel eens geprobeerd, maar ik kan niet drie kwartier op een matje liggen. Echt een kwelling vond ik het! Liever ga ik uit eten, met vriendinnen afspreken of leuke dingen doen met mijn dochtertje.” De viool heeft ze inmiddels aan de wilgen gehangen. “Het werd te veel een verplichting.”

 

Rolmodel

Hét voorbeeld voor Nina is de aanpak van psychiater Patrick McGorry die in Australië veel onderzoek doet naar psychische stoornissen bij jongeren. Zij kunnen terecht in een soort huiskamer (Headspace), een concept dat nu ook in Maastricht en Amsterdam navolging heeft gekregen onder de naam ‘@ease’ We zijn bezig dit ook in Rotterdam op te zetten. Het is laagdrempelig, jongeren kunnen zonder afspraak binnenlopen om te praten over wat ze bezig houdt, waarmee ze worstelen. De achterwacht bestaat uit professionals die kunnen doorverwijzen als er een intensievere behandeling nodig is.

 

Preventie

Daar ligt volgens Nina de sleutel voor een goede aanpak. “Ik geloof in preventie. Het is altijd moeilijker om schade die is ontstaan te herstellen. Onderken daarom allereerst het belang van psychische gezondheid. Zorg dat jongeren een goed vangnet hebben, dat ze weten waar ze terecht kunnen. Ondersteun ouders in de opvoeding, bestrijdt pesten en ontmoedig roken, dat is vaak een toegangspoort naar andere verslavingen.”
“Cruciaal is de vraag ‘Van wie is het probleem?’ Het is van ons allemaal en van niemand. Het is echt absoluut kosteneffectief om te investeren in preventie, dat is van een groot aantal behandelingen al aangetoond. Helaas denkt de politiek vaak in termijnen van een jaar of vier, effecten zien we pas jaren later. Daarbij is het ook lastig meetbaar, je ziet niet achteraf wat je hebt voorkomen.”

 

Techniek

Een heel andere invalshoek is de inzet van techniek. Een mooi voorbeeld is het analyseren van spraak. Een psychose kenmerkt zich onder andere door desorganisatie in het spreken. Kunnen we meer subtiele afwijkingen in spraak eerder opsporen bij jonge patiënten met een risico op psychose?
“Of dit niemandsland over 10 jaar in kaart is gebracht? Er is nog veel werk te doen, maar het is al wel duidelijk dat we hier echt iets mee moeten. Nu kunnen we aan deze groep jongeren vragen: wat heb je nodig, wat heb je gemist?”

 

 

Paspoort

Naam: Nina Grootendorst-van Mil
Geboren: 24 januari 1987 te Rotterdam
Opleiding: Gymnasium (SG Spieringshoek te Schiedam), opleiding geneeskunde in Rotterdam
Burgerlijke staat: getrouwd
Kinderen: een dochter (0 jaar)
U kent Nina Grootendorst mogelijk van: Nina is in 2016 gepromoveerd bij Generation R, naar invloeden tijdens de zwangerschap en cognitie en gedrag bij jonge kinderen.